JAMES WATT VERBETERDE STOOMMACHINE EN DOOR HEM KWAMEN ER FABRIEKEN

Rond 1712 bouwde Thomas Newcomen de eerste stoommachine. Maar ze werkten langzaam en gingen snel kapot.

James Watt 1790

In 1763 werd een model van de stoommachine van Newcomen voor reparatie naar James Watt gebracht. De machine ging vaak kapot. James Watt vroeg zich af waarom en bestudeerde de machine tot in detail. Hij verwarmde water om stoom te maken die de pomp aandreef. De stoom ging een cilinder in en drukte een zuiger of schijf omhoog, waardoor de pomp ging werken. Binnen in de cilinder werd de stoom vervolgens afgekoeld. Waarna de zuiger weer naar beneden ging. James Watt vond dat de machine veel hitte verspilde. Kon hij dat verbeteren? Twee jaar lang werkte James Watt aan dit probleem. Uiteindelijk na een wandeling door Glasgow had hij op een dag de oplossing. Hij zou een extra cilinder of koeler toevoegen, waarin de stoom kon afkoelen. De hoofdcilinder kon dan heet blijven en doorwerken. Een geniaal Idee! Watts inspanningen hadden resultaat.

In 1775 ging hij samen werken met de fabriekseigenaar Mattew Boulton. Ze begonnen de nieuwe en krachtigere stoommachine te maken en te verkopen. Overal openden fabrieken. Toen Watt in 1819 overleed, waren er alleen al in Glasgow achttien weeffabrieken, met bijna driehonderd weefgetouwen. Deze verandering in Engeland sloeg al snel over op de rest van de wereld. Het tijdperk van de industrie en massaproductie was begonnen. De machine speelde een belangrijke rol bij de opkomst van een nieuw vervoermiddel, namelijk de stoomtrein. De eerste stoommachines waren enorm. Maar aan het begin van de 19e eeuw waren ze klein genoeg geworden. Zodat er wielen onder pasten en ze treinwagons konden trekken.

Terug naar HOME

Wikipedia kan je alles vertellen over James Watt.