Alexander Graham Bell

De uitvinder van de telefoon wijdde een groot deel van zijn leven aan het werken met doven

Alexander Graham Bell 1847-1922

Hoewel Alexander Graham Bell al voor zijn 30ste het tot zijn tijd onvoorstelbare idee om spraak over te brengen via een metaaldraad had verwezenlijkt, had hij op dat moment al heel wat meegemaakt. De Schot Bel!, die in Edinburgh werd geboren en opgroeide, kreeg zijn opleiding vooral thuis en verder aan de Universiteit van Edinburgh en University College in Londen. Hij ontwikkelde de telefoon echter in Boston in de Verenigde Staten, in 1876. Op een bepaald moment was hij aangesteld als onderwijzer in Elgin, in Schotland. Hier begon hij ook geluidsgolven te bestuderen, iets waar hij later veel aan had toen hij zijn revolutionaire toestel ontwikkelde.

Emigratie

Vervolgens ging hij bij zijn vader in Londen werken – net als zijn zoon was deze spraakleraar. Korte tijd later sloeg het noodlot echter toe: de twee broers van Alexander stierven aan tuberculose. Dat was de aanleiding voor het gezin om naar Canada te emigreren, in 1870. Tegen deze tijd had Alexander de ziekte echter ook opgelopen. Gelukkig herstelde hij na aankomst in Canada en in 1871 was hij gezond genoeg om naar Boston in de Verenigde Staten te verhuizen. Hier zou hij financiering vinden voor de ontwikkeling van zijn ideeën. Hij begon echter met het geven van een serie lezingen over de door zijn vader ontwikkelde ‘zichtbare spraak’, een systeem fonetische symbolen waarmee doven konden converseren. Hij bleef met doven werken en in 1873 werd hij hoogleraar spraakfysiologie aan de Universiteit van Boston.

De uitvoerder

Bell was inmiddels vergevorderd met de theoretische bestudering van geluidsgolven, maar hij had nog vrijwel geen praktische experimenten uitgevoerd. Gelukkig ontmoette hij de handige reparateur Thomas Watson, die een belangrijke rol zou spelen bij de uitvoering van Bells theoretische ideeën. De proefnemingen werden voor een deel gefinancierd door de geïnteresseerd geraakte ouders van twee van zijn dove leerlingen – van wie er één, Mabel Hubbard, Bells vrouw zou worden.

Geluidsgolven

Bells plannen voor de overdracht van spraak waren gebaseerd op één eenvoudig idee. Hij geloofde dat de geluidsgolven die de mond verlieten, in een elektrische stroom konden worden omgezet als hij maar een toestel kon bouwen dat voor die omzetting zorgde. Als dat eenmaal gelukt was, zou het niet moeilijk zijn om de stroom door een draad naar een ander toestel te sturen, waar de stroom weer moest worden omgezet in geluid. Nadat hij enkele jaren samen met Watson hard had gewerkt aan de constructie van zo’n omzettingstoestel, had hij eindelijk het apparaat gerealiseerd dat de wereld zou veranderen. Bells telefoon werd in maart 1876 gepatenteerd en de Schot kreeg, ondanks latere conflicten over het copyright, zijn plaats in de geschiedenis. Bell, die op dat moment nog geen 30 jaar was, gebruikte het geld dat hij met zijn uitvinding en zijn bedrijf AT Et T verdiende, en het prijzengeld dat hij voor zijn uitvinding had gekregen, om laboratoria te bouwen voor verder onderzoek. Zoals Thomas Alva Edison (1847-1931) later Bells telefoon verbeterde met zijn koolmicrofoon, zo had Bell een groot aandeel in het succes van Edisons fonograaf. De Schotse uitvinder hield zich verder ook nog bezig met bijvoorbeeld sonarherkenning, vliegtoestellen en de fotofoon, een apparaat ter overbrenging van geluid met behulp van een lichtstraal. Bell bleef zich ook bezighouden met doven. Onder meer ontwikkelde en verbeterde hij lesmethoden. Ook was hij een tijdlang leraar van de later wereldberoemde dove en blinde Helen Keller. Hij speelde ook een belangrijke rol bij de oprichting van het internationale wetenschappelijke tijdschrift Science.

Het erfgoed van Bell

Het is nogal verrassend om te bedenken dat de man die toch vooral bekend is geworden vanwege een uitvinding die ervoor zorgde dat mensen over grote afstanden met hun stem met elkaar kunnen communiceren, een aanzienlijk deel van zijn leven heeft gewijd aan het werken met doven. Op momenten dat Bell niet bezig was met het lesgeven aan doven, was hij aan het uitvinden of ideeën voor zijn uitvindingen aan het bedenken. Hoewel de telefoon absoluut zijn meest succesvolle uitvinding was, hield hij zich met een heel scala projecten bezig, die voor een groot deel op een heel ander vlak lagen.

1870 Na het overlijden van de broers van Alexander Bell als gevolg van tuberculose emigreert het gezin Bell naar Canada. 1873 Bell wordt hoogleraar spraakfysiologie aan de Universiteit van Boston. 1875 Krijgt octrooi voor de multipele telegraaf. 1876 Krijgt octrooi voor de telefoon.